Morgen, 21 juli, is het de Belgische nationale feestdag. Tijd voor een pleidooi voor meer tweetaligheid. Aanleiding is het ‘incident’ op 14 april 2007, toen de treinbegeleidster en de omroeper van het NMBS-station van Hasselt geen informatie in het Frans verschafte over een vertraging en treinwissel op de lijn Antwerpen-Hasselt-Luik.
Ik mailde onder meer de Ombudsdienst van de NMBS, (ex-)minister van Mobiliteit Renaat Landuyt (sp.a) en Het Laatste Nieuws. Na lang wachten kreeg ik een bericht van de minister, en een drietal weken geleden een brief van de NMBS zelf.
Taalwetten
Het antwoord is eenvoudig en voorspelbaar. De treinbegeleidster en de omroeper mochten volgens de wet niet in het Frans door de microfoon praten. Individueel Franstalige passagiers helpen in hun moedertaal mag wel. Allez, gelukkig!
Waarom is omroepen in de andere taal verboden? Ja, Hasselt is in Vlaanderen. Maar de trein had als bestemming Luik, Wallonië. Daar spreekt men Frans. Is het dan zo moeilijk om de aankondigen ook in die taal uit te voeren? Wat kan op internationale treinen, bv. de IC Brussel-Amsterdam, kan toch ook bij ons?
Of maakt dat deel uit van de emancipatie van Vlaanderen. Word toch volwassen. Want wat die zomerse zaterdag gebeurde in Hasselt is slechte service. En waarom? Uit principe? Dat principe hielp de klanten niet verder.
Is wat meer twee- of zelfs drietaligheid zo veel gevraagd? Nee toch.